Abrikozen dessert

Wijn: Slanghoek Soete Hanepoot

NAGERECHT

12 personen

 

Ingrediënten:


200 gr suiker

1 dl water

250 gr abrikozen

 

 


35 gr banketbakkerspoeder
4 bladen gelatine
150 gr eierdooier

120 gr suiker 
3 dl slagroom
2 dl Slanghoek wijn

 

 

 

 

6 lange vingers

20 gr boter

 

 

 

 

 

2 sinaasappels

100 gr water

100 gram suiker

 

2 dl Slanghoek wijn

100 gr suiker

 

 

Receptuur

 

Snijd de abrikozen in kleine stukjes.  Kook de suiker met het water in een hoge pan met dikke bodem en laat dit 3 minuten flink doorkoken. Voeg de abrikozen toe en laat het nogmaals 3 minuten flink doorkoken. Haal de pan van het vuur en pureer met de staafmixer. Doe het mengsel in een koude stalen kom.

 

Week de gelatine in ruim koud water.

Roer het banketbakkerspoeder met een beetje wijn tot een papje. Breng de rest van de wijn aan de kook.

Giet het mengsel al roerend met een garde bij de wijn.

Breng aan de kook en laat 2 minuten zachtjes doorkoken.

Klop de eidooiers en de suiker met de mixer tot het wit is.

Meng vervolgens de nog hete custard door het mengsel.

Roer direct de gelatine erdoor. Laat de crème afkoelen tot kamertemperatuur (onder af en toe roeren).  Klop de slagroom op tot hij bijna stijf is en spatel erdoor.

 

Vet 12 witte bakjes goed in met de boter.

Snijd de lange vingers doormidden en daarna overlangs tweeën (zodat je twee platte stukjes hebt).

Bekleed de bodem van de bakjes met de stukjes lange vingers.

Vul voor de helft met de custard. Doe de abrikonzenconfiture in het midden en vul de vorm verder af met de custard. Laat het mengsel goed opstijven in de koelkast.

 

Snijd zeste van de sinaasappels en konfijt deze gedurende 10 minuten in een mengsel van suiker en water op zeer klein vuur.

Haal ze met een schuimspaan uit de suiker. Laat ze uitgespreid op bakpapier drogen in een oven van 80 graden. Laat de suiker hard worden en breek in kleine stukjes.

Pers de sinaasappels uit en kook het sap met de wijn en suiker gedurende 15 minuten.

Garnering:

2 takjes munt

 

 

Snijd de blaadjes van de munt in zeer fijne reepjes.

 

Serveren:

Stort de taartjes voorzichtig op een bord.

Drapeer de saus rondom met de saucière. Strooi wat suiker stukjes in de saus.

Garneer de bovenkant van elk taartje met wat sinaasappel zeste en munt.




« Terug naar recepten